Home > FEBIAC-nieuws > Wie zijn de ‘motards’ van vandaag?

Wie zijn de ‘motards’ van vandaag?

Wie zijn de motorrijders van vandaag? En wie rijdt er met een scooter? Ze vormen een zeer verscheiden groep. Er is moeilijk een coherent beeld van dé motor- en dé scooterrijder te schetsen, buiten het feit dat bijna 90% man is.

Zeg tegen een buitenstaander dat je met de motor rijdt en de clichés komen los. Je bent een ‘biker’, een motard, zit wellicht met een hevige midlifecrisis, bent in motorplunje en helm een bedreiging voor de burgerman en bent een non-conformist op zoek naar de vrijheid. Beelden die via films en tv-series nog vaak bevestigd worden.

Maar klopt dat stereotype beeld wel? Wie zijn de motor- en scooterrijders in België en met hoeveel zijn ze? Een juist aantal is moeilijk te geven. Vorig jaar telde de FOD Economie in het voertuigenpark van ons land zo’n 465.000 motoren en scooters. Dat wil niet zeggen dat er ook 465.000 bestuurders van gemotoriseerde tweewielers zijn. Er zijn immers motorrijders die meer dan één motor of scooter in de garage hebben.  En statistieken over het aantal afgegeven rijbewijzen A (het motorrijbewijs) bieden evenmin een antwoord. Niet alle personen met een rijbewijs A hebben ook een motor of scooter. En veel motorrijders hebben nog een rijbewijs B van voor 1989. Dat geeft hen de mogelijkheid om zonder een rijbewijs A een motor of scooter te besturen. Een onderzoek uit 2006 van het Instituut voor Mobiliteit (IMOB) Universiteit Hasselt – Campus Diepenbeek bij 1000 motorrijders wees uit dat toen nog 46% het rijbewijs B had. Inmiddels is dat percentage dalende.

Man
De groep motor- en scooterrijders is ook divers. De enige karakteristiek waar met grote zekerheid iets over gezegd kan worden, is het geslacht: 87% van de rijders is man en slechts 13% is vrouw. Aangenomen mag worden dat het percentage vrouwen hoger zal liggen onder de rijders van scooters tot 125 cc (waarmee met een rijbewijs B – mits twee jaar in bezit – gereden mag).

De grote meerderheid rijdt met de motor, een belangrijke minderheid met de scooter. In de nieuwe inschrijvingen van gemotoriseerde tweeliggers ligt de verhouding op 70-30, 70% motorfietsen, 30% scooters. Maar omdat de scooters pas de afgelopen vijftien jaar sterk aan populariteit gewonnen hebben, is de verhouding motorrijders-scooterrijders eerder 80-20 dan 70-30.

Woon-werkverkeer?
Het grote verschil tussen motor- en scooterrijders ligt in het gebruik van hun gemotoriseerde tweewieler: motorrijders zijn voornamelijk vrijetijdsrijders (met een grote groep die rijden in de vrije tijd combineert met woon-werkverkeer), scooterrijders zijn doorgaans utilitaire rijders (woon-werk- en stadsverkeer). Dat blijkt ook uit prijs van de voertuigen. De meeste 125 cc-scooters waarmee ook met het rijbewijs B gereden mag worden, zitten in het lagere en midden prijssegment (2.000 tot 3.000 euro). De meeste motoren mogen al wat kosten omdat het ‘leisure’-objecten zijn. De gemiddelde motor zit in de prijsklasse van 7.000 tot 12.000 euro. Dat zijn al prijzen die dicht bij of gelijk zijn aan een kleine wagen. De grootste segmenten in de motormarkt zijn die van de goedkopere basic roadsters en de duurdere toermotoren (inclusief de reis enduro’s) en motoren van meer dan 1000 cc. Van die twee laatste categorieën gaan de prijzen al richting 15.000 euro of meer.

Middenklasse
Veel motor- en scooterrijders behoren dan ook tot de midden- en hogere welstandsklasse, zeker omdat voor velen de motor of scooter een tweede (of derde) voertuig is naast de auto. Degenen die een motor hebben zijn ook wat ouder. De meeste rijders zijn tussen 35 en 55 jaar oud. Zij hebben immers de financiële ruimte om er naast een auto eveneens een motor op na te houden.

Alleen de rijders van scooters en 125 cc motoren en bezitters van supersportmotoren en goedkope basic roadsters zijn jonger (tussen de 25 en 35 jaar). De in 2013 aangepaste wetgeving werkt overigens verjonging in de hand: wie op 18 jarige leeftijd wil starten met motorrijden moet beginnen met een – goedkoper – 125 cc-exemplaar en kan na twee jaar overstappen op een A2-motor met een beperkt motorvermogen (35kW).). Pas na vier jaar (dus als iemand 22 is) is er geen beperking meer van het motorvermogen. Het alternatief is  wachten tot de leeftijd van 24 jaar of ouder om meteen het rijbewijs A zonder beperking van motorvermogen af te leggen.

Kilometers
Het aantal afgelegde kilometers per jaar weerspiegelt het vrijetijdsgebruik: gemiddeld tussen 2600 en 3000 kilometer. Maar de onderlinge verschillen zijn zeer groot: er zijn rijders die hun motor maar vier keer per jaar uit de garage halen voor een (korte) trip en er zijn er die dagelijks hun woon-werkafstand met de motor doen en aan 15.000 kilometer of meer komen. ‘Scooter-commuters’ rijden tot 7.000 kilometer per jaar. Ten slotte: de diversiteit onder de motorrijders weerspiegelt zich ook in merken, motortypes en modellen. De DIV, Dienst Inschrijving van Voertuigen, noteerde bijvoorbeeld in de eerste zes maanden van dit jaar meer dan 90 verschillende merken…

Bron : persbericht FEBIAC 12/08/2016