Home > FEBIAC-nieuws > Versoepeling lockdown: weer meer motoren op de weg

Versoepeling lockdown: weer meer motoren op de weg

Met de versoepeling van de maatregelen om het coronavirus in te dijken neemt het aantal motoren op de weg opnieuw toe. Er zijn immers veel bedrijven weer opgestart waardoor er meer woonwerkverkeer is, ook met de motor. En recreatief motorrijden kan wederom als ‘buitensport’- activiteit. FEBIAC (de Belgische en Luxemburgse Automobiel- en Tweewielerfederatie) vraagt de andere weggebruikers opnieuw attent te zijn op motoren en scooters in het verkeer. Ook raadt de federatie de gebruikers van gemotoriseerde tweewielers aan hun voertuig na de – voor velen verlengde – winterstop op technisch gebied te (laten) inspecteren.

In de voorbije ‘lockdown-maanden’ was woon-werkverkeer met de motor en scooter toegestaan, maar door tijdelijke sluiting van bedrijven en thuiswerken was de verkeersdruk sterk afgenomen. Nu de maatregelen om het coronavirus in te dijken versoepeld zijn, neemt de verkeersdruk weer toe met o.a. ook meer motoren en scooters. Juist nu is de motor of scooter als een individueel vervoersmiddel een interessant ‘social distancing’ alternatief voor personen die anders op het openbaar vervoer zijn aangewezen. Sowieso hebben motor en scooter altijd al voordelen als de verkeersdruk toeneemt en daarmee ook de kans op files. Bovendien zijn er nog een aantal wegwerkzaamheden gepland die ook voor verkeershinder zullen zorgen. Motoren en scooters mogen in files altijd tussen de rijen auto’s doorrijden op voorwaarde dat de gemiddelde snelheid onder 50 km/uur ligt en het verschil in snelheid tussen motor- en scooterrijders en de andere verkeersdeelnemers niet meer bedraagt dan 20 kilometer per uur.

Uitgestelde start van het seizoen
Stijn Vancuyck, adviseur gemotoriseerde tweewielers bij FEBIAC, zegt dat andere verkeersdeelnemers zich in deze periode weer meer bewust moeten worden van de aanwezigheid van motoren en scooters op de weg. Andere jaren wees FEBIAC in maart bij de start van het motorseizoen op het toenemend aantal motoren en scooters in het verkeer. Voor velen is de motor of scooter een vervoersmiddel dat in de lente- en (na)zomermaanden gebruikt wordt, zowel voor praktische als recreatieve verplaatsingen. De inperkende maatregelen van de locksdown hebben voor velen de winterstop met twee maanden verlengd. Normaliter zou maart de seizoenstart betekent hebben met onder meer de traditionele Dag van de Motorrijder. Dat evenement is niet door kunnen gaan, maar Stijn Vancuyck stelt dat de tips die in het kader van die dag gegeven zijn, nu nog altijd geldig zijn. “En voor de rijders die na een paar maanden stilliggen weer op hun motor of scooter stappen, is een opfrissingscursus van hun rijvaardigheid aan te raden om zich zo de routine van het rijden weer eigen te maken,” zegt hij. Die cursussen zouden in de loop van deze maand weer opgestart kunnen worden.

Techniek
Vancucyk zegt dat na de winter én de lockdown-periode niet alleen de rijtechniek ‘onderhouden’ moet worden, maar dat ook de motor technisch kritisch bekeken moet worden. Al enkele jaren konden motor- en scooterrijders hun voertuig laten inspecteren in het kader van de ‘Dag van de Motorrijder’. Over het algemeen dragen motorrijders veel zorg voor hun voertuig – want het is voor velen een belangrijke invulling van de vrije tijd – , maar toch is, zo zegt Vancuyck “….in het recente verleden bij die vrijwillige inspecties vastgesteld dat de bandenspanning of de profieldiepte van de banden niet in orde waren. Ook waren er soms remblokken versleten.” Zelfs bij lang stilstaan hebben banden het hard te verduren. Als banden lange tijd op dezelfde plaats contact maken met de vloer, neemt de ronding ervan af. In de periode van stilstand moeten daarom in principe de wielen geregeld verzet zijn.

Dealers
Met de versoepeling van de corona-maatregelen hebben ook de motor- en scooterdealers met inachtname van de afstandsregels hun deuren weer geopend en zijn ook de werkplaatsen weer in bedrijf. Dat houdt in dat er afspraken gemaakt kunnen worden voor het onderhoud aan de motoren of vervanging van de batterij en ook dat motor- en scooterrijders hun uitrusting (kleding, helm) waar nodig kunnen vervangen of uitbreiden. Voor helmen bijvoorbeeld geldt de stelregel dat die na vijf jaar gebruik vervangen moeten worden door een nieuw exemplaar. Na een impact bij een val moet een helm overigens altijd vervangen worden.
De kosten voor onderhoud en uitrusting zijn overigens ook fiscaal aftrekbaar als de motor of scooter ingezet wordt voor professioneel gebruik en voor woon-werkverkeer. Alle kosten kunnen voor 100% in de jaarlijkse belastingaangifte ingebracht worden. Naast onderhoud en persoonlijke uitrusting vallen daar ook de bewijsbare kosten voor brandstof, verzekering en pechverhelpingscontracten onder.

 

Bron: persbericht FEBIAC, 14 mei 2020.
Foto: Somnuek Saelim /Shutterstock.com.