Home > Bibliotheek > RiderScan

RiderScan

Motorrijden in Europa

Mede gefinancierd door de Europese Commissie, heeft FEMA in 2015  een gedetailleerd rapport gepubliceerd onder de naam RiderScan. Hier hebben 17.000 motorrijders uit 18 verschillende landen aan meegewerkt.

Deze studie geeft een overzicht van de verkeersveiligheid voor motorrijders in de verschillende Europese landen. Alle Europese gegevens hieronder hebben betrekking op motorfietsen, dat wil zeggen met een cilinderinhoud van meer dan 50 cc.

 

Motorrijden in Europa
Volgens de cijfers van ACEM, de Europese vereniging van motorfietsfabrikanten, zijn er ongeveer 23.000.000 motorfietsen in 31 Europese landen. Er zijn 7 landen met meer dan een miljoen motoren, Italië is de absolute koploper.

Italië                                    6.500.000 motoren
Duitsland                           3.800.000 motoren
Spanje                                 2.900.000 motoren
Frankrijk                             1.700.000 motoren
Griekenland                        1.600.000 motoren
Polen                                    1.200.000 motoren
Groot-Brittannië                1.100.000 motoren

In Europa heeft circa 2/3de  van de motorrijd(st)ers 1 motorfiets, 1/3de  heeft 2 motoren of meer. Iets meer dan de helft van motorfietsen heeft een cilinderinhoud van 700 cc of meer. Honda is in Europa marktleider, gevolgd door BMW, Yamaha en Suzuki met ongeveer een gelijk marktaandeel. Europees gezien wordt de motor door ongeveer de helft van de motorrijd(st)ers alleen voor ontspanning gebruikt, bijna 1/3de  gebruikt de motor ook voor woon/werkverkeer.

Europa gevaarlijker ?
Is motorrijden in sommige landen gevaarlijker dan andere? Om daar een eerste idee van te krijgen, is hieronder de relatie gelegd tussen het aantal motorfietsen en het aantal dodelijke motorongelukken. Officiële statistieken van de Europese Commissie zijn hiervan de bron, CARE 2012

Volgens deze gegevens vonden er circa 4.500 dodelijke motorongelukken plaats. Berekend per land is het aantal geregistreerde motorfietsen per dodelijk ongeval. Hoe hoger het aantal motorfietsen, hoe veiliger het land, hoe lager het aantal motorfietsen per dode hoe gevaarlijker.

Gegroepeerd is dan het beeld van meer naar minder gevaarlijk. Het getal bij het land geeft de rangorde aan: 1 het veiligste land, 25 het onveiligste land. Het Europees gemiddelde is ongeveer 5.000 motorfietsen per dodelijk slachtoffer. Uit de cijfers blijkt dan dat Kroatië het meest gevaarlijk is en Denemarken het minst gevaarlijk (door het ontbreken van een van beide benodigde gegevens kan de berekening kan niet worden gemaakt voor Bulgarije, Cyprus, Litouwen, Noorwegen, Roemenië en IJsland). 

Relatief gevaarlijk
1.000 – 2.000                    25 Kroatië, 24 Ierland, 23 Polen
2.000 – 3.000                    22 Portugal, 21 Frankrijk, 20 Letland, 19 Slowakije, 18 Slovenië
3.000 – 5.000                    17 Luxemburg, 16 Verenigd Koninkrijk, 15 België, 14 Hongarije, 13 Estland

Relatief veilig
5.000 – 7.000                    12 Griekenland, 11 Malta, 10 Tsjechië, 9 Duitsland, 8 Oostenrijk
7.000 – 10.000                 7 Zweden, 6 Italië, 5 Finland, 4 Spanje
10.000+                              3 Zwitserland, 2 Nederland, 1 Denemarken

Op het aantal dodelijke slachtoffers per motorfietsen berekend, is Denemarken relatief het veiligste land.
België staat op de 15de plaats als relatief gevaarlijk motorland van Europa, Kroatië is het onveiligste. Goed om je te realiseren en vooral om extra alert te zijn wanneer je naar het buitenland rijdt. En dan met name naar de landen van de eerste drie groepen. Let op: hier mee is nog niets gezegd over oorzaken. Landen verschillen in klimaat, in gemiddelde jaarkilometrage, in kwaliteit van infrastructuur, in opleidingen voor motorrijbewijs en in het  algemeen het verkeersgedrag van met name automobilisten. Bekijk deze landenrangorde als een zeer serieus veiligheidssignaal. Kortom: ga je over de grens, en met name bijvoorbeeld naar de Oost-Europese landen, dan is het zaak extra op je hoede te zijn.

Motorongevallen
Een vergelijkbaar beeld van de verschillende Europese landen ontstaat uit de enquêtegegevens onder 17.000 Europese motorrijders. Zij gaven antwoord op de vraag of zij in de afgelopen twaalf maanden betrokken waren geweest bij een ongeval, in welke vorm dan ook, dus zowel eenzijdig als een aanrijding. De landenvergelijking levert drie groepen landen op in volgorde van het percentage ongevalservaringen. Griekse motorrijd(st)ers melden de meeste ongevalservaringen, Deense de minste (voor niet-genoemde landen ontbreken de enquêtegegevens).

Meeste: 17 Griekenland, 16 Oostenrijk, 15 Italië, 14 Portugal, 13 Tsjechië
Tussenpositie: 12 Duitsland, 11 België, 10 Spanje, 9 Groot-Brittannië, 8 Nederland, 7 Frankrijk
Minste  :6 Zweden, 5 Polen, 4 Zwitserland, 3 Noorwegen, 2 Finland, 1 Denemarken

Scandinavië kent de minste ongevalservaringen. Voor Polen lijkt te gelden: de ongevalservaringen zijn beperkt, maar als er een ongeval plaatsvindt dan is dat verhoudingsgewijs vaak fataal. Het is denkbaar dat het verschil tussen Scandinavië en Zuid-Europese landen te verklaren is doordat in Scandinavië het rijseizoen door de lange winters korter is. Immers, meer dan 80% van de Scandinavische motorrijders vermijdt rijden in de winter. De in de RiderScan beschikbare gegevens van de verschillende landen en het gemiddelde aantal rijkilometers per jaar, geven aan dat seizoenverschillen geen verklaring lijken van de veiligheidsverschillen tussen Noord- en Zuid-Europese landen. Gemiddeld is de helft van de ongevallen in Europa eenzijdig. De andere helft bestaat uit tweezijdige ongevallen, bijna altijd met een auto. In vrijwel alle landen komen ongevallen verhoudingsgewijs het meeste voor onder rijd(st)ers onder de 35 jaar.

Europese wegproblemen
De kwaliteit van wegeninfrastructuur verschilt nogal per land. En de kwaliteit van wegen, wegonderhoud, wegenmeubilair en dergelijke is van groot belang voor de motorveiligheid. Uit de enquêtegegevens van 17.000 Europese motorrijders is bekend in hoeverre infrastructuurproblemen volgens de motorrijd(st)ers zelf leiden tot bijna-ongelukken. Uit de landenvergelijking blijkt dat Griekenland de gevaarlijkste infrastructuur heeft en Denemarken de minst gevaarlijke (voor niet-vermelde landen ontbreken de enquêtegegevens).

Meeste problemen:         15 Griekenland, 14 België, 13 Spanje,12 Italië, 11 Frankrijk
Tussenpositie:                  10 Finland, 9 Tsjechië, 8 Zweden, 7 Zwitserland, 6 Portugal
Minste problemen:          5 Duitsland, 4 Noorwegen, 3 Nederland, 2 Groot-Brittannië, 1 Denemarken

Opvallend is, dat voor alle landen de top-3 infrastructuurproblemen er hetzelfde uitziet. Het verschil is dus vooral de mate waarin ze voorkomen:

– Slecht wegonderhoud, gaten in de weg, bitumen naadvullingen e.d.
– Wegoppervlak zelf, dat wil zeggen toplaag-materiaal, gladheid, vlakken e.d.
– Schilderwerk en plakkaten op het wegdek, belijning, waarschuwingen e.d.

Toch zijn er verschillen tussen landen die de moeite waard zijn te vermelden. Sommige infrastructuurproblemen komen in bepaalde landen relatief vaak voor. Onderhoudsproblemen doen zich overal in Europa in ongeveer gelijke mate voor. In Zuid-, Midden- en Centraal-Europa is het meer dan in West- en Noord-Europa, oppassen geblazen voor het wegdekmateriaal zelf, de wijze waarop bochten zijn aangelegd en het gebruik van verf & plakkaten op de weg. In Zuid-Europa, langs de Middellandse Zee, is er verhoudingsgewijs veel motorrisico door allerlei markeringen op de weg. Door slecht geplaatst wegmeubilair (inclusief bewegwijzering) en het ontbreken van waarschuwingen voor gevaarlijke wegsituaties, wordt je zonder voldoende waarschuwing direct geconfronteerd met wegwerkzaamheden.

Veiligheidsinnovaties
Veiligheid hangt niet alleen van je eigen rijden af, maar ook van de wegeninfrastructuur en de andere verkeersdeelnemers. Motorbeheersing kan een fors handje helpen om je eigen motorveiligheid te vergroten. Allerlei partijen zijn bezig met het verzinnen, testen en promoten van technische innovaties gericht op het vergroten van verkeersveiligheid. Politici, ambtenaren, techneuten, fabrikanten. Verreweg de meeste ontwikkelingen hebben betrekking op algemene verkeersveiligheid vooral vanuit autoperspectief. Met de motor wordt lang niet altijd rekening gehouden. Dat blijkt uit de FEMA-gegevens over hoe de Europese motorrijd(st)ers denken over maar liefst 53 verschillende innovaties. Sommigen ervan zijn al ingeburgerd, anderen zijn in het stadium van prototype, weer anderen zijn nog nauwelijks de tekentafelfase voorbij. Wat vinden Europese motorrijd(st)ers van al die innovaties? Dragen die bij tot het bevorderen van de verkeersveiligheid voor de motorrijder, of zijn ze eerder gevaarlijk?

De top tien voor motorveiligheid beste technische hulpmiddelen en innovaties :
01 – ABS
02 – Voorkomen dat vizier beslaat (verwarming, ontvochtiging)
03 – Contrastvergroting van de omgeving bij slecht-zicht weer
04 – Monitoring van bandenspanning en –temperatuur
05 – Rembekrachtiging
06 – Verbonden remsystemen, waar voor- en achterrem beiden aangrijpen ook wanneer slechts een  wordt geactiveerd
07 – Impact-gestuurde afsluiting van motorsystemen
08 – Diagnosesysteem van mechanische/technische problemen aan de motor
09 – In de bocht vooruit meesturende voorverlichting
10 – Stabiliteitscontrole ter voorkoming van achterwiel spin en voorwiel lift-off

De top tien meest voor motorveiligheid meest gevaarlijke technische hulpmiddelen en innovaties :
01 – GPS gebaseerde waarschuwing voor te hard de bocht in gaan
02 – Display met motorinformatie op je kuipscherm
03 – Display van motorinformatie op helmvizier
04 – Continue aan/uit strobeverlichting om zichtbaar te zijn
05 – Achteruitkijk display in helm of op kuipscherm
06 – Systeem dat motor automatisch op vaste afstand van voorligger houdt
07 – Aanrijdingspreventie op kruisingen doordat auto’s en motoren snelheid, plek en rijrichting aan wegbakens doorgeven
08 – Snelheidswaarschuwing en ingrijpen wanneer de ter plekke geldende snelheidslimiet wordt overschreden
09 – Waarschuwing wanneer van rijbaan wordt gewisseld
10 – Waarschuwing en ingrijpen wanneer ingestelde cruise-control snelheid wordt overschreden

Als reden om technologische innovaties als motorgevaarlijk te beschouwen wordt vooral genoemd dat zij actief tijdens het rijden een interactie vergen met de rijd(st)er, die daardoor een overdaad aan informatie krijgt en afgeleid wordt: vooral en juist in gevaarlijke situaties waarin afleiding uit den boze is! In de meeste landen verwachten motorrijd(st)ers per saldo toch positieve veiligheidsvoordelen van nieuwe technologische ontwikkelingen. Het gaat dan vooral om technische diagnose voor onderhoud en met name van remsystemen en banden en om systemen voor betere zichtbaarheid en verlichting. Het meest gevaarlijk werd gevonden communicatiesystemen tussen motor en de wegeninfrastructuur gericht op het automatische ingrijpen op snelheid zonder dat de rijd(st)er daar enige controle op heeft.

Persoonlijke voorzieningen
De overgrote meerderheid van de Europese motorrijd(st)ers is het er trouwens over eens, dat motorrijden nooit risicoloos zal worden en dat motorrijden gevaarlijker is dan autorijden. Ongeveer de helft verwacht dat nieuwe technologie het verkeer veiliger en groener zal maken. 1/3de  ziet een risico dat de technologie de verkeersdeelnemers te veel zal afleiden van de wegsituatie zelf.

Een overgrote meerderheid van de Europese motorrijd(st)ers neemt zelf ook de nodige veiligheidsmaatregelen. De drie meest gebruikte persoonlijke veiligheidsmaatregelen zijn (1) motorhandschoenen, (2) motorhelm (fluorescerende geel/oranje nog maar weinig) en (3) motorjas met protectors. De meesten dragen ook (4) speciale motorlaarzen en (5) een motorbroek met protectors. Opvallend is dat er niet of nauwelijks verschillen bestaan tussen landen in het gebruik van deze top-5 persoonlijke voorzorgsmaatregelen.

Motorrijbewijs
Europa kent regelgeving voor een fasegewijs verkrijgen van het motorrijbewijs. Leeftijd en motorvermogen zijn bepalend zijn welk rijbewijs voor welk type motor op welke leeftijd gehaald kan worden. Onder Europese motorrijd(st)ers bestaat, zo blijkt uit de FEMA-cijfers, best wel wat begrip voor het idee dat een stapsgewijze motoropleiding veiliger rijgedrag zou kunnen opleveren. Echter, de uitwerking in de praktijk stuit op veel bezwaren in alle landen. Het eerste en belangrijkste punt van onvrede is dat op de huidige manier het halen van het volwaardig motorrijbewijs te complex is, ontmoedigend werkt, veel te lang duurt en veel te veel geld kost. Het tweede vaak genoemde bezwaar is discriminatie in vergelijking met het halen van het autorijbewijs.  Als achttienjarige aankomende automobilist hoef je immers niet eerst een tijd in een Trabant te rijden voor je in een Focus mag stappen om uiteindelijk na jaren pas in een Ferrari scheurijzer de weg op te mogen. Dat laatste mag de achttienjarige al doen op de dag dat hij zijn autorijbewijs op zak heeft. Al met al zijn de Europese motorrijd(st)ers er niet van overtuigd dat het fasegewijze rijbewijs de motorveiligheid op de weg echt ten goede komt.

Conclusie
Veiligheid en bewustzijn De veiligheid van de motorfiets en de risico’s van ongevallen in Europa verschillen van land tot land. Motorrijders kunnen niet vanzelfsprekend aannemen dat de rijomstandigheden in eigen land ook van toepassing zijn in het buitenland.


Het volledige rapport is terug te vinden op de FEMA website :
www.fema-online.eu/website/index.php/2016/08/05/motorcycle-safety-and-accidents

 

 

 

Bron : FEMA