Home > Bibliotheek > Oldtimers – regelgeving

Oldtimers – regelgeving

Vraag van Jef Van den Bergh aan federaal minister van mobiliteit, François Bellot over de regelgeving van oldtimers.

Vraag :In april 2014 trad Europese Richtlijn 2014/45/EU in werking die de technische keuring voor alle voertuigen in de Europese Unie regelt. Een deel ervan heeft betrekking op “motorvoertuigen van historisch belang”. Dat zijn voertuigen die ten minste 30 jaar geleden werden gebouwd of voor het eerst werden ingeschreven, en die niet langer worden geproduceerd. Hun oorspronkelijke staat moet behouden zijn gebleven en de technische kenmerken van de hoofdonderdelen mogen geen wijzigingen hebben ondergaan. De lidstaten dienen uiterlijk op 20 mei 2017 de nodige wettelijke en bestuursrechtelijke bepalingen vast te stellen om aan deze richtlijn te voldoen, om dan met ingang van 20 mei 2018 de bepalingen toe te passen. De richtlijn impliceert dat tegen dan de minimumleeftijd voor oldtimers in België wordt opgetrokken van 25 naar 30 jaar. Daaraan wordt ook een periodieke technische controle gekoppeld. De lidstaten mogen vrij bepalen met welke tussenpozen die moeten plaatsvinden. Het blijft mogelijk voertuigen die niet of nauwelijks op de openbare weg rijden, uit te sluiten van de toepassing van de richtlijn. De vorige minister had in haar beleidsnota aangekondigd dat ze de mogelijkheid zou onderzoeken om een nieuw regelgevend kader in te stellen voor oldtimers.
1. Plant u een aanpassing van de regelgeving rond oldtimers?
Zo ja, welke elementen (leeftijd, technische keuring, gebruik, enzovoort) wilt u precies aanpassen en waarom? Wat is de timing daarvan? Zo neen, waarom niet?
2. Op welke manier wilt u richtlijn 2014/45/EU omzetten en wat is daarvan de timing?
3. Zullen er overgangsmaatregelen komen voor auto’s die op het moment dat de aangepaste wetgeving in werking treedt, tussen 25 en 30 jaar oud zijn?
Zo ja, welke? Zo neen, waarom niet?

Antwoord :1. Voor een goed begrip, de Europese richtlijn 2014/45/EG heeft enkel betrekking op de technische keuring van motorvoertuigen. Inzake het begrip “oldtimer” stelt de richtlijn enkel dat voertuigen die nooit of nauwelijks op de openbare weg worden gebruikt, zoals voertuigen van historisch belang mogen worden uitgesloten van de toepassing van die richtlijn, met name de periodieke keuring. Met de zesde staatshervorming werd de materie van de technische keuring der voertuigen echter overgedragen naar de gewesten en is mijn ambt derhalve niet meer bevoegd. Wat betreft de inschrijving van motorvoertuigen die wel onder mijn bevoegdheid valt, maar waar Richtlijn 2014/45/EG geen enkele impact op heeft, blijft de huidige regeling vooralsnog behouden. Dat wil zeggen dat voertuigen die sedert meer dan 25 jaar in gebruik zijn een inschrijving als “oldtimer” kunnen aanvragen. Deze inschrijving als “oldtimer” mag echter niet gelijkgesteld worden met een door deze richtlijn gedefinieerd voertuig van historisch belang dat minimum dertig jaar geleden werd vervaardigd of voor het eerst werd ingeschreven. Derhalve zou een oldtimer vanaf 20 mei 2018 aan de keuringsregels voor gewone voertuigen kunnen worden onderworpen indien deze laatste niet als voertuig van historisch belang wordt beschouwd. Men is evenwel gestart met een denkoefening om ervoor te zorgen dat de federale en gewestelijke reglementeringen zoveel mogelijk overeenstemmen, waarbij coherentie en duidelijkheid voor de burger worden beoogd. Bijgevolg zullen de federale Staat en de Gewesten onvermijdelijk moeten gaan overleggen over die thematiek. 2. en 3. Voor uw vragen betreffende de Richtlijn 2014/45/EG verwijs ik u graag door naar de gewesten bevoegd voor de technische keuring.

Bron : DE KAMER 01/07/2016